iCagenda - Calendar

ma di wo do vr za zo
1
2
3
4
5
6
7
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
FAQs - Bezoekers

Eye Movement Desentitisation and Reprocessing of kortweg EMDR is de naam van een therapeutische methode die helpt ervaringen te verwerken die aan de basis liggen van problemen of symptomen waar de cliënt mee te kampen heeft.

EMDR is vooral bekend geraakt door zijn techniek met de oogbewegingen (ook bilaterale stimulatie genoemd). De cliënt wordt gevraagd zonder het hoofd te bewegen de vingers van de therapeut te volgen en zo horizontaal de ogen heen en weer te bewegen.

Uit studies blijken de oogbewegingen het meeste effect te geven, maar tikken op de knieën, stimulatie via trillertjes (via de tac/audio-scan), auditieve stimulatie via een koptelefoon zijn alternatieven die ook gebruikt kunnen worden.

EMDR is een volwaardige therapie en dient als dusdanig op een deskundige manier uitgeoefend te worden.
De voorbereiding vraagt 1 tot meerdere sessies. Belangrijk hier is het installeren van de therapeutische relatie en het verzamelen van informatie betreffende de levensloop van de client. Ook een diepgaande anamnese over de problematiek en het bepalen van mogelijke tegenindicaties is noodzakelijk om tot een behandelplan te komen.

De voorbereidingsfase heeft tevens als doel de client te informeren over EMDR. Als aan al de vermelde voorwaarden is voldaan kan de eigenlijke EMDR-therapie starten. Meestal verloopt deze als volgt:

Met hulp van de cliënt zoekt de psychotherapeut de herinnering of de situatie die aan de oorsprong ligt van de moeilijkheden (bvb een verkeersongeval), en indien er meerdere herinneringen of situaties zijn wordt daarvan een rangorde opgesteld in het behandelplan.

Hij vraagt aan de cliënt een negatieve gedachte te verwoorden (bvb ik ga sterven), de emoties (bvb angst, onmacht), de fysieke gewaarwordingen (bvb druk op de borstkas) die nog actueel aanwezig zijn als de cliënt aan de belastende situatie denkt, evenals de positieve gedachte die de cliënt in de plaats wil van de negatieve gedachte (bvb ik ben nu veilig).
Hij nodigt de cliënt uit om de spanning op een subjectieve schaal te beoordelen van 0 tot 10.
En de geloofwaardigheid van de positieve gedachte op een schaal van 1 tot 7.

Hij vraagt de cliënt zijn aandacht te richten op het moeilijkste moment (bvb de vrachtwagen die langs rechts inrijdt op zijn auto), de negatieve gedachte, de emoties en de fysieke gewaarwordingen die ermee verbonden zijn. Daarna start de fase van desensitisatie met afwisselende bilaterale stimulatie. Bilaterale stimulatie gebeurt via oogbewegingen, tactiele stimulatie of geluidsstimulatie.

De therapeut onderbreekt de stimulatie en moedigt de cliënt aan te zeggen wat zich in hem afspeelt, en vraagt hem om zijn spanningniveau te boordelen op een schaal die hem in de voorbereidingsfase werd uitgelegd. Tijdens deze fase kan de cliënt intense emoties ervaren. De therapeut herhaalt deze sets van stimulatie tot het spanningsniveau van de cliënt herleid is tot 0 of 1.

Eens de moeilijke situatie “gedesensitiseerd” is, start de installatiefase waarbij de therapeut gebruik maakt van de bilaterale stimulatie om de positieve gedachte te installeren.
Hij vervolgt de sets tot de cliënt aangeeft dat de geloofwaardigheid van de positieve gedachte 6 of 7 is.

De therapeut checkt vervolgens of de positieve gedachte, verbonden met de moeilijke situatie, de cliënt niet meer belast. Hij vraagt de cliënt zijn lichaam te overlopen van top tot teen om te zien of er nog ergens spanning is. Deze fase heeft tot doel om nog resterende spanningen of negatieve gewaarwordingen te verwerken met behulp van nieuwe sets van bilaterale stimulatie.

De therapeut beëindigt de sessie met een korte debriefing.